U bevindt zich hier:

 

Welkom op de pagina van Economie!

Grafische rekenmachines

  • In verband met de aanpassingen van het examenprogramma Economie is het voor de klassen 4 HAVO met ingang van het schooljaar 2010/2011 niet langer toegestaan gebruik te maken van de grafische rekenmachine. Uitsluitend een eenvoudige, niet-programmeerbare rekenmachine mag gebruikt worden bij toetsen en het examen.
  • Deze eis zal in de toekomst ook gaan gelden bij het vernieuwde examenprogramma Economie voor het VWO.
  • De klassen 5 HAVO en alle klassen VWO die nu nog onder het oude examenprogramma Economie vallen mogen nog wel gebruik maken van de grafische rekenmachine bij toetsen en het examen.
  • Voor het vak M&O blijft het gebruik van de grafische rekenmachine toegestaan bij toetsen en het examen voor alle klassen.

 

Studiewijzers;
Uitwerkingen zelftesten van de LWEO-mappen

  • De studiewijzers kun je beschouwen als een minimumprogramma, aan het einde van elke week moet je minstens bij zijn met het leren van de hoofdstukken en het maken van de opgaven.
  • Als voorbereiding van de toetsweek en bij het bestuderen van de verschillende hoofdstukken is het wellicht handig om de uitwerkingen van de zelftesten bij de hand te hebben. Het betreft hier de standaard uitwerkingen die bij de methode horen, er kunnen dus foutjes in zitten.
  • Alleen als je ingelogd bent kun je de studiewijzers en uitwerkingen downloaden. Je vindt ze dan bij de downloads bovenaan in de groene balk van deze pagina.

 

Examenstof Economie 5 HAVO / 6 VWO

  • Niet alle mappen komen terug op het centraal examen in mei 2011.
  • Bij de HAVO zijn alleen de volgende mappen onderdeel van het centraal examen: Inkomen en Groei, Arbeidsmarkt, Collectieve Sector, Buitenland 2 en Vaardigheden (alleen wat over Indexcijfers gaat).
  • Bij het VWO zijn alleen de volgende mappen onderdeel van het centraal examen: Welvaart, Markten 1, Overheid, Modellen, Globalisering en Vaardigheden (alleen wat over Indexcijfers gaat).

 

Actualiteit

  • Dagelijks een portie economisch nieuws rond actuele onderwerpen voor de leerling met interesse in de wereld om zich heen is HIER, HIER en ook wel HIER te vinden...

 

Hulp voor de toetsweken nodig?

  • LWEO-methode voor 4HAVO,  5HAVO of voor 4-5-6VWO: Kies in het menu links de juiste map en daarna bovenaan het juiste hoofdstuk uit die map. Je vindt dan begrippenlijsten en oefenopgaven (rechts bovenaan) op deze pagina.
  • Uitleg over elasticiteiten, schijventarief van de inkomstenbelasting of Keynesiaanse modellen kun je krijgen door de LWEO economische toolbox (alleen voor Windows) te downloaden. Dit zip-bestand even uitpakken in een map op je computer en dan in die map klikken op 'start.exe'. Zowel voor HAVO als VWO.

 

Bekende economen...

...oftewel een kleine reis door de geschiedenis van het economisch denken...

 

François Quesnay (1694 - 1774)

Frans econoom, oorspronkelijk hofarts van Lodelijk XV, die het schema van de economische kringloop opstelde analoog aan de menselijke bloedsomloop. Hij was één van de vooraanstaande, zogenaamde Fysiocraten, die ervan uit gingen dat alleen de natuur waarde kan voortbrengen. Inmiddels weten de economen dat ook de andere productiefactoren (arbeid, kapitaal, ondernemerschap) toegevoegde waarde produceren.

 

Adam Smith (1723 - 1790)

Schots econoom en filosoof, die wordt beschouwd als de "vader" van de economische wetenschap. In 1776 publiceerde hij zijn Wealth of Nations, een boek dat grote invloed heeft gehad op het economisch denken. Hij pleit ervoor de mensen vrij te laten in hun handelen, waardoor - terwijl iedereen zijn eigenbelang nastreeft - het gemeenschappelijke belang het beste wordt gediend: het klassieke liberalisme. Een onzichtbare hand ("invisible hand") zorgt ervoor dat het economisch systeem een zo groot mogelijke welvaart voor iedereen tot stand brengt. Zijn opvattingen moeten we plaatsen tegen de beginperiode van de Industriële Revolutie.

 

Thomas Robert Malthus (1766 - 1834)

Engels geestelijke aan wiens pessimistische voorspellingen de economie de naam "dismal science" (sombere wetenschap) heeft te danken. In zijn Essay on the Principle of Population (1798) voorspelt hij grote armoede omdat de bevolking sneller zou groeien dan de bestaansbronnen van de aarde. Hoe actueel is dit weer in het kader van de milieuproblematiek?

 

 

 

David Ricardo (1772 - 1823)

Engels econoom, zakenman en parlementariër. Zijn Principles of Political Economy and Taxation (1817) behandelt belangrijke zaken als waardetheorie, de productiegroei en grondrente. Vooral dit laatste stuk theorie en zijn leerstuk van de comparatieve kostenverschillen hebben hem beroemd gemaakt. Zijn arbeidswaardeleer legt de grondslag voor die van Karl Marx. Zijn pleidooi voor vrijhandel moeten we zien tegen de achtergrond van Engeland als machtige zeevarende natie.

 

Jean Baptiste Say (1767 - 1832)

Frans econoom, oorspronkelijk zakenman, die door het lezen van Smiths Wealth of Nations belangstelling kreeg voor economie. Hij had meer aandacht voor het nut van goederen en voor de vraagkant van de economie dan de overige klassieken van zijn tijd, die zich vooral met de aanbodkant bezig hielden. In zijn Traité d'économie politique (1803) ontwikkelde hij zijn "loi des débouchées" ("Elk aanbod schept zijn eigen vraag"). Deze economische wet is later door Keynes scherp aangevallen.

 

 John Stuart Mill (1806 - 1873)

Engels econoom, filosoof en maatschappijhervormer. Was een zeer groot geleerde en ook parlementslid. Zijn Principles of Politiical Political Economy (1848) werd het toonaangevende studieboek. In zijn On Liberty (1859) verdedigt hij de vrijheid van het individu.

 

 

 

Karl Marx (1818 - 1883)

Duits filosoof en econoom: de vader van het wetenschappelijk socialisme. Publiceert samen met zijn vriend Friedrich Engels in 1848 het Communistisch Manifest. In 1867 verscheen het eerste deel van Das Kapital, waarvan de twee volgende delen door Engels zijn geredigeerd en pas na Marx' dood verschenen in 1885 en 1894. In dit beroemde boek beschrijft Marx hoe het kapitalisme aan een aantal ingebouwde tegenstrijdigheden zal bezwijken. De uitbuiting van de arbeider door de kapitalist, de vervreemding van de arbeider, de door de concurrentie voortdurende daling van de winsten leiden allemaal samen tot de onvermijdelijke ineenstorting. De daarop volgende revolutie zal leiden tot de socialistische staat, waarin aan de ongelijkheid een einde zal worden gemaakt. Inmiddels weten we hoe het de socialistische landen in Europa is vergaan...

 

Alfred Marshall (1842 - 1924)

Engels econoom die in zijn Principles of Economics (1890) de micro-economie heeft verfijnd. Aan hem danken wij het elasticiteitsbegrip en het inzicht dat niet alleen het aanbod (zoals de Klassieken dachten) of alleen de vraag de prijs van een goed bepaalt, maar vraag en aanbod samen: "zoals bij een schaar beide bladen alleen samen kunnen knippen". Zijn behandeling van onder andere de vraag- en aanbodlijnen is zo volledig dat de economen jarenlang zeiden: "It's all in Marshall".

 

 

 John Maynard Keynes (1883 - 1946)

Wereldberoemd Engels econoom en politicus. Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog (1914 - 1918) was Keynes aanwezig als topambtenaar bij de vredesconferentie van Versailles. Hij nam ontslag omdat hij het niet eens was met wat werd besproken op die conferentie. Volgens Keynes stond niet het herstel van Europa voorop, maar een politieke wraakactie tegen Duitsland die een grotere oorlog zou uitlokken. Hij voorspelde ook dat de herstelbetalingen die Duitsland waren opgelegd de Duitse economie zouden ruïneren. Zijn gelijk werd bevestigd door de Duitse hyperinflatie en door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (1939 - 1945).

 

In 1936 verscheen Keynes' boek General Theory of Employment, Interest and Money. Dit boek zou standaardlectuur worden voor economen in de decennia van 1945 tot in de jaren tachtig. Tot het schrijven ervan werd hij gebracht door de economische crisis aan het begin van de jaren dertig, wat leidde tot de Great Depression. Keynes legde de nadruk op de vraagkant van de economie, en hij stelde dat de overheid moet investeren in de economie om hiermee herstel te stimuleren. Als de overheid bijvoorbeeld een groot infrastructureel project opstart zal dit leiden tot meer banen en een hogere consumptie, en daardoor weer tot een hogere productiviteit. Door de investeringen van de overheid kan de vraagkant van de economie worden gestimuleerd, wat positieve gevolgen heeft voor de economie. Dit is de bekende theorie van de beroemde multiplier. Zou zijn theorie vandaag de dag ook nog op gaan of niet?

 

Jan Tinbergen (1903 - 1994)

Ook voor de wetenschap Economie kun je een Nobelprijs winnen. Officieel is het eigenlijk geen prijs van de Nobelstichting maar van de Zweedse centrale bank. Er is in het verleden ook een Nederlander in de prijzen gevallen, namelijk Jan Tinbergen in 1969.

In de dertiger jaren ontwikkelde deze wiskundig econoom en econometrist modellen die bruikbaar waren om de werkloosheid te lijf te gaan. Zijn latere werk betreft vooral vraagstukken van ontwikkelingslanden, inkomensongelijkheid en de internationale economische orde, bijvoorbeeld in Shaping the World Economy (1962). In Rotterdam kun je studeren aan het Tinbergen Instituut.

 

 

 Milton Friedman (1912 - 2006)

Amerikaans econoom van de zgn. Chicago School. Pleit sterk voor het terugdringen van de overheidsinvloed en het herstel van de vrije marktwerking. Ook op het monetaire vlak moet de overheid zich terughoudend opstellen: Friedman is één van de vooraanstaande Monetaristen. Dit is een economische richting in de lijn van de neo-klassieken, die meer de aanbodkant van de economie benadrukken. Publiceerde in 1963 A Monetary History of the United States. In 1976 werd hem de Nobelprijs voor economie toegekend.

 

 

 

John Kenneth Galbraith (1908 - 2006)

Canadees econoom die aan Harvard is gaan doceren. In zijn bekende The Affluent Society (1958) laat hij zien dat we in een maatschappij leven met een overvloed aan goederen geleverd door de marktsector en juist een tekort aan zaken als woningen, onderwijs, gezondheidszorg e.d. Ook tegenwoordig nog herkenbaar? Ook in zijn The New Industrial State (1967) stelt hij zich kritisch op tegenover de bestaande economische theorie.

 

 

...En misschien wordt hier ooit nog eens de naam van een CCNV-leerling vermeld die een erg goed economisch inzicht heeft en voortborduurt op een ruim 350 jaar oude traditie, die begon in de tijd van de V.O.C. en Mercantilisten...

Laatst gewijzigd: vrijdag 20 augustus 2010 18:25 (HOR)